Paprika
25-03-2026
Van gissen naar weten: draadloos wegen in paprika en aubergine
Paprika en aubergine wegen met de Floating-scale

Wie werkt met tomaat of komkommer, weet hoe weging werkt: een loadcel onder de substraatmat, een lijn op het scherm, een basis voor de watergift. Maar wie diezelfde aanpak probeert in paprika of aubergine, stuit op een probleem. De grafieken kloppen niet. Of beter gezegd: ze kloppen wél, maar ze laten niet zien wat je wilt meten.

Het heeft alles te maken met hoe deze gewassen groeien.

Het probleem zit in de plant

Een paprika- of aubergineplant bindt meerdere touwtjes per vierkante meter aan de gewasdraad. Naarmate het seizoen vordert, hangt een groeiend deel van het plantgewicht in die draden — en niet meer op het substraat. Tegelijk rekt de gewasdraad bij warmte uit en krimpt hij weer bij afkoeling. Die beweging is meetbaar, maar heeft niets met de plant te maken.

Bij tomaat en komkommer speelt dit nauwelijks. Bij paprika en aubergine zorgt het voor verstoringen die de watergeeflijn onleesbaar maken — door de dag en door het jaar. De traditionele manier van wegen schiet hier niet tekort vanwege de techniek, maar omdat de toepassing niet past bij het gedrag van deze gewassen.

Een systeem dat los hangt van de kasconstructie

De Floating-scale is ontwikkeld om dit probleem bij de wortel aan te pakken. De constructie hangt aan de tralies van de kas, maar is zó opgezet dat de kasconstructie zelf geen invloed heeft op de meting. Het bypasframe — het deel dat de normale gewasdraad in het meetsegment vervangt — zorgt ervoor dat het gewicht van de plant wél meegewogen wordt, terwijl het rekken en krimpen van de kas buiten beeld blijft.

Het systeem meet op twee lagen tegelijk. Het totaalgewicht (gewas, substraatmatten en teeltgoot) hangt aan de tralie. De zwevende goot (alleen de substraatmatten) hangt twee tot drie centimeter boven de gangbare teeltgoot. Door beide lagen tegelijk te meten, kun je gewas en substraat van elkaar onderscheiden — en dat is de basis voor wat het systeem kan laten zien.

Elke kas is anders. Of een teler werkt met twee rijen substraat naast elkaar, of met een v-systeem waarbij één rij matten midden tussen de paden staat en de planten in twee richtingen omhoog groeien, vraagt een andere opstelling. Installatie — bij voorkeur tijdens de teeltwissel — gaat altijd vooraf aan een inventarisatie op locatie.

Twee dagen na installatie: bruikbare informatie

Na installatie zijn twee dagen genoeg voor een eerste gesprek over de grafieken. Niet omdat je dan pas iets ziet — die eerste dag zie je al wat er gebeurt als je water geeft, hoe de mat reageert, hoe het gewicht stijgt en daalt — maar om de grafiek in de eigen situatie te laten landen.

Daarna begint het echte lezen.

Irrigatie met absolute getallen

De dagdynamiek is het meest directe inzicht. 's Avonds stopt de teler met water geven. De plant verdampt door. Het gewicht daalt, tot de gram nauwkeurig, totdat de irrigatie de volgende ochtend weer start.

Stel dat het gewicht in die nacht 150 gram per vierkante meter daalt. Dan weet je dat je minimaal 150 milliliter per vierkante meter moet aanvullen. Wil je bovendien drain maken — zodat je zeker weet dat elke hoek van de kas voldoende water krijgt — dan schrijf je 170 of 175 milliliter. En dat kun je daarna controleren op de weegschaal.

Dit is de kern van wat het systeem verandert: je gaat van een percentage of een gevoel naar een getal. 200 gram is 200 milliliter. Niet meer, niet minder.

Eerder stuurde een teler op lichtsom (zoveel joule = een irrigatiebeurt), op windrichting, op het tijdstip. Al die signalen benaderen de werkelijkheid. In augustus, op een bewolkte dag met warmte zonder licht, geeft de lichtsom een verkeerd signaal: de zon telt niet, maar de plant verdampt wél. Met de Floating-scale zie je dat gewoon.

Van irrigatie naar groei

Naast irrigatie laat het systeem de versgewichttoename zien: hoeveel gram groeit er per vierkante meter per dag bij? Wanneer wordt er geoogst — zichtbaar als een plotselinge daling — en hoe snel herstelt de plant daarna? Dit zijn getallen die in de paprika- en aubergineteelt tot nu toe alleen achteraf beschikbaar kwamen. Nu zijn ze dagelijks zichtbaar, op het moment dat ze nog iets kunnen betekenen.

En verder kijkend ziet het systeem ook hoe de plant reageert op klimaatbeslissingen. Heb je te laat je scherm geopend? Te vroeg geventileerd? Die reacties zijn terug te zien in de grafiek. Het is het gevoel dat de plant antwoord geeft op wat je doet.

Negen sets, steeds scherper

Begin 2026 zijn er negen sets Floating-scale in gebruik, bij paprika- en auberginetelers verspreid over meerdere bedrijven. Sommige bedrijven werken met twee of drie systemen, om situaties in de kas met elkaar te vergelijken of om rasverschillen in kaart te brengen.

Het groeiende netwerk heeft een bijeffect: elk systeem levert data op waarmee modellen getoetst en verbeterd worden. Zo wordt het systeem met elke set nauwkeuriger — en elke nieuwe gebruiker profiteert van de lessen die al zijn opgedaan.

Meer weten?

Wil je weten wat de Floating-scale voor jouw teelt kan betekenen? Neem contact op met onze accountmanager Agri, Kees van Vliet — hij kijkt graag mee naar jouw situatie en welke opstelling daarbij past.

Neem contact op

Doe meer met data

Haal meer uit jouw kas door draadloos te meten. Krijg continu inzicht in klimaat en groei en optimaliseer eenvoudig voor meer rendement.

20250506 P1050676